Zoeken in deze blog
Verhalen over wonen en leven in Frankrijk, midden op het rustige platteland van de Haute-Saône. Vanuit ons oude huis in Montcourt schrijf ik over het dagelijks leven, de tuin, de natuur, het Franse dorpsleven en de cultuur. Over wat we meemaken, ontdekken en beleven, van kleine alledaagse momenten tot bijzondere gebeurtenissen. Een persoonlijke kijk op het leven in een klein Frans dorp, waar de seizoenen en het ritme van het platteland nog duidelijk voelbaar zijn.
Uitgelicht
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Zilveren wolken, vallende sterren en de wijsheid van honden
Een wandeling die anders begon
Gisterenavond ging ik, zoals zo vaak, met de honden naar buiten. Er was eigenlijk niets bijzonders aan die avond. De temperatuur was aangenaam, de dag liep langzaam ten einde en ik was iets voor half elf de deur uitgegaan. De honden hadden zoals altijd hun eigen programma. Er moest uitgebreid worden geroken, hier en daar moest natuurlijk worden stilgestaan en sommige plekken moesten blijkbaar opnieuw grondig worden geïnspecteerd, alsof er sinds de vorige wandeling iets van groot belang veranderd kon zijn.
Ik liep rustig met ze mee en deed ondertussen wat ik wel vaker doe tijdens het uitlaten: af en toe even naar boven kijken.
Dat is soms alles wat ervoor nodig is om je ineens te realiseren dat er boven je een wereld hangt waar je gedurende de dag nauwelijks bij stilstaat.
Dit keer bleef ik staan, want wat ik zag, kon ik niet meteen goed benoemen. Tussen de donkere gedeelten van de hemel dreven wolken die op een heel bijzondere manier leken te worden verlicht. Ze waren niet helder wit en ook niet echt grijs. Ze hadden iets zilverachtigs, alsof ergens boven de wereld een onzichtbare lamp was aangegaan en het licht precies op deze wolken had laten vallen.
Ze leken bijna teer, zacht en kwetsbaar, alsof ze ieder moment uit elkaar konden vallen en oplossen in de nacht.
Wolken van zilver
Ik bleef kijken. In eerste instantie dacht ik dat ik er misschien maar een minuut of twee stond, maar uiteindelijk moet het ruim tien minuten zijn geweest. Dat is het vreemde aan momenten waarop je werkelijk ergens door wordt gegrepen: tijd lijkt zijn betekenis te verliezen. Je denkt even niet aan hoe laat het is, wat je morgen moet doen of wat er verder nog op je wacht.
Je staat gewoon ergens op een straat en kijkt omhoog naar een paar zilveren wolken die langzaam door de nacht bewegen.
Tot een van de honden blijkbaar vond dat het nu lang genoeg had geduurd. Een poot tegen me aan, gevolgd door een sprong, alsof hij wilde zeggen: Gaan we nog lopen of hoe zit dat eigenlijk?
Ik moest erom lachen. De hemel kon dan zijn mooiste voorstelling geven, maar beneden op straat liepen vier honden rond die vonden dat het programma gewoon verder moest.
Tijdens de rest van de wandeling bleef ik de hemel goed in de gaten houden. Ik wist dat er nog iets zou gebeuren, want inmiddels had ik het al meerdere keren meegemaakt.
Half elf: het licht gaat uit
Om half elf gaat hier de straatverlichting uit. En iedere keer opnieuw verbaast het me wat er dan gebeurt.
De straat wordt donkerder, maar tegelijkertijd lijkt de hemel juist lichter te worden.
Dat klinkt misschien vreemd, maar zodra de oranje gloed van de straatverlichting verdwijnt, verschijnt er boven je ineens een compleet ander decor. Waar eerst maar een paar sterren zichtbaar waren, komen er steeds meer tevoorschijn. Eerst voorzichtig, bijna aarzelend, en daarna lijkt het alsof iemand ergens boven aan een enorme schakelaar heeft gedraaid.
Sterren.
Overal sterren.
Je weet natuurlijk dat ze er al die tijd waren. Ze zijn niet opeens verschenen toen de straatverlichting uitging. Ze stonden daar al voordat wij aan onze wandeling begonnen. Ze stonden daar toen ik de deur uitging en ook toen ik voor het eerst naar die zilveren wolken keek.
Alleen konden we ze niet zien.
Misschien zit daar wel een mooie gedachte in. Iets hoeft niet verdwenen te zijn omdat je het tijdelijk niet kunt zien.
Een hemel vol sterren
Ik bleef opnieuw even staan. De honden hadden inmiddels blijkbaar geaccepteerd dat er vanavond iemand meeliep die af en toe omhoog wilde kijken.
Boven ons dreven de zilveren wolken verder, terwijl daarachter steeds meer sterren zichtbaar werden. Het was alsof de nacht verschillende lagen had: de donkere aarde onder mijn voeten, de stille straten, de langzaam bewegende wolken en daarachter die enorme, onvoorstelbare ruimte.
Op zo'n moment voel je hoe klein je eigenlijk bent.
Niet op een verdrietige manier, maar juist op een merkwaardig bevrijdende manier. Je bent maar een klein radartje in een geheel dat zo gigantisch is dat je verstand het nauwelijks kan bevatten.
Overdag kunnen allerlei dingen enorm groot lijken. Een probleem, een afspraak, een rekening, iets wat iemand heeft gezegd of iets wat morgen nog moet gebeuren. Onze gedachten hebben soms de wonderlijke eigenschap om van een mug een olifant te maken zonder dat die olifant daar ooit om gevraagd heeft.
Maar kijk omhoog naar een sterrenhemel en sommige dingen krijgen vanzelf weer hun juiste formaat.
Niet omdat ze verdwenen zijn, maar omdat je ineens het geheel even kunt zien.
En toen viel er een ster
Alsof de nacht nog één verrassing voor me had bewaard, trok er plotseling een lichtstreep door de hemel.
Een vallende ster.
Natuurlijk weet je dat het in werkelijkheid om een klein stukje materiaal gaat dat met grote snelheid de atmosfeer binnendringt en daar opbrandt. Maar op zo'n moment wil je even niet technisch zijn. Je wilt gewoon kijken en genieten van het wonderlijke beeld dat zich boven je afspeelt.
Volgens het oude geloof mag je een wens doen wanneer je een vallende ster ziet.
Dus dat heb ik gedaan.
Wat mijn wens was?
Die vertel ik niet.
Sommige wensen kun je misschien beter aan de nacht toevertrouwen. Niet alles hoeft uitgesproken te worden om betekenis te hebben. Misschien verliezen sommige dingen juist iets wanneer je ze hardop vertelt.
Dus ik hield mijn wens voor mezelf en keek nog even naar de hemel.
Op weg naar huis
Inmiddels was het steeds donkerder geworden en liepen de honden dichter naast me. De uitbundigheid van het begin van de wandeling was verdwenen. Ze waren klaar met hun onderzoek en wij gingen langzaam richting huis.
Af en toe keek ik nog even achterom.
De zilveren wolken waren er nog steeds en de sterren stonden erachter alsof ze al eeuwenlang naar beneden keken. En ergens boven ons ging het universum onverstoorbaar verder met wat het al miljarden jaren doet. Zonder haast, zonder planning en zonder zich ergens druk over te maken.
Thuis kregen de honden nog wat water. Daarna liepen ze bijna vanzelf naar hun favoriete plek, de plaats waar ze blijkbaar iedere avond tot de conclusie komen dat de wereld voorlopig wel even zonder hen verder kan.
Ze draaiden een paar keer rond, zochten naar precies de juiste houding en lieten toen een diepe zucht horen.
Zo'n zucht waarvan je bijna zou kunnen denken dat ze daarmee de hele dag afsluiten.
Alsof ze zeggen:
Het was goed vandaag.
Daarna gingen hun ogen langzaam dicht.
De dromen beginnen
Na een minuut of vijf hoorde ik het eerste zachte piepje. Even later volgde een klein blafje. Een van de honden begon met zijn poten te bewegen alsof hij ergens achteraan rende, terwijl de andere ineens een kleine schok door zijn lijf leek te krijgen.
Ik keek ernaar en moest glimlachen.
Ze waren vertrokken naar een wereld waar ik geen toegang toe had.
Waar ze precies waren, wist alleen hun droom. Misschien renden ze door een groot veld, misschien waren ze achter iets aan wat ze overdag nooit te pakken hadden gekregen, of misschien lagen ze in hun droom gewoon ergens heerlijk te slapen.
Ik weet het niet.
Maar terwijl ik naar ze keek, kwam er een gedachte bij me op die me misschien nog wel meer raakte dan de sterrenhemel.
Deze honden lagen daar zonder zich zorgen te maken over morgen.
Ze hadden geen verwachting van wat de volgende dag zou brengen. Ze lagen niet wakker omdat ze iets verkeerd hadden gedaan en ze herhaalden in hun hoofd geen gesprek dat eerder op de dag had plaatsgevonden. Ze vroegen zich niet af wat iemand morgen van hen zou vinden en maakten zich geen zorgen over alles wat nog moest gebeuren.
Ze waren er gewoon.
Hier.
Nu.
Misschien weten zij iets wat wij vergeten zijn
Wij mensen zijn voortdurend onderweg. We denken vooruit en kijken achteruit. We plannen, herinneren, verwachten, betreuren en hopen. Terwijl vandaag nog bezig is, zijn we soms al bezig met morgen. En wanneer morgen eenmaal is aangebroken, kijken we alweer terug naar gisteren.
Misschien is dat precies waarom het zo bijzonder is om naar slapende honden te kijken.
Ze lijken iets te begrijpen wat wij in de loop van ons leven ingewikkeld hebben gemaakt: dat een dag niet altijd iets hoeft op te leveren. Dat een wandeling gewoon een wandeling mag zijn. Dat een slok water na thuiskomst voldoende kan zijn. Dat een favoriete plek op de vloer een uitstekende bestemming vormt en dat een diepe zucht soms de perfecte afsluiting van een dag is.
En misschien betekent slapen wel iets meer dan alleen rusten.
Misschien is het ook het vermogen om de dag werkelijk los te laten.
De honden weten niet wat morgen brengt. Maar misschien hebben ze daarom ook geen enkele reden om zich er nu al zorgen over te maken.
Nog één keer naar boven
Later, voordat ik zelf naar bed ging, dacht ik nog even terug aan die wandeling. Aan de zilveren wolken die daar boven me dreven, aan het moment waarop de straatverlichting uitging en de sterren ineens tevoorschijn kwamen, aan die ene vallende ster en aan de wens die ik niemand vertelde.
En natuurlijk dacht ik aan de honden die inmiddels diep lagen te slapen.
Ik dacht opnieuw aan hoe klein een mens eigenlijk is onder zo'n hemel.
Maar misschien is klein zijn helemaal niet erg.
Misschien is het juist een voorrecht.
Wanneer je beseft hoe groot het geheel is, hoef je misschien niet meer voortdurend te doen alsof alles van jou afhangt. Je mag soms gewoon kijken. Je mag verwonderd zijn. Je mag even niets oplossen. Je mag een wens doen wanneer er een vallende ster voorbijschiet en daarna gewoon weer naar huis lopen.
En misschien mag je aan het einde van de dag, net als de honden, een diepe zucht slaken en denken:
Het was goed vandaag.
Boven ons verdwijnen de zilveren wolken langzaam verder de nacht in. De sterren blijven staan, stil en onbereikbaar, alsof ze ons eraan herinneren dat de wereld veel groter is dan de zorgen waarmee we ons overdag zo gemakkelijk kunnen vullen.
En ergens tussen gisteren en morgen ligt dan dat ene kleine moment waarin niets hoeft.
Geen verwachting.
Geen herinnering.
Alleen de nacht, de hemel, vier slapende honden en een mens die heel even omhoog keek en zich opnieuw realiseerde hoe wonderlijk mooi het is om hier, midden in dat enorme geheel, gewoon even te mogen zijn.
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Populaire posts
Waterbeperking in Frankrijk: de droogte wordt steeds serieuzer, dit zijn de nieuwe regels én de hoge boetes
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Montcourt en het wachten op regen: hitte, stilte en een dorp dat naar water verlangt
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Reacties
Een reactie posten