Uitgelicht

De egel en de honden: een onverwacht zondag-avontuur

De ochtend begint met geblaf

Sommige zondagen beginnen rustig.

Met een eerste straal zonlicht die voorzichtig door de gordijnen naar binnen kruipt. Met het zachte geluid van een huis dat langzaam wakker wordt. Misschien met een kop koffie die nog even op zich laat wachten.

En dan zijn er zondagen waarop je om een onchristelijk vroeg tijdstip uit je slaap wordt geblaft.

Precies zo begon deze zondag.

Ik lag nog half tussen slapen en wakker zijn toen de honden besloten dat uitslapen vandaag geen optie was. Er werd geblaft met de overtuiging alsof er zich buiten een complete invasie had aangekondigd. Geen subtiel waarschuwingsblafje, nee, dit was werk. Er moest onmiddellijk iemand opstaan.

En die iemand was natuurlijk ik.

Met nog nauwelijks een helder idee van welke dag het was, schoof ik uit bed en liep richting de deur. De honden stonden al klaar. Ogen scherp, oren omhoog, lichamen gespannen. Alles aan hen zei: er is iets aan de hand.

Goed dan.

Dan gaan we maar even kijken.

Op onderzoek in de achtertuin

Buiten was het stil.

Verdacht stil zelfs.

Ik keek rond, maar zag helemaal niets. Geen beweging, geen vreemde schaduw, geen indringer die zich achter een plant probeerde te verschuilen. Alles stond precies zoals het hoorde te staan.

De achtertuin kreeg vervolgens een volledige inspectie.

Ik keek naar links.

Niets.

Naar rechts.

Ook niets.

De deuren en hekken zaten nog keurig op slot. Geen sporen van bezoek, geen omgevallen spullen, geen enkele aanwijzing dat er zich hier iets bijzonders had afgespeeld.

Nou ja, dacht ik, dan zal het hier wel niet geweest zijn.

De honden waren daar duidelijk minder van overtuigd, maar ik besloot dat hun recherchewerk voor dit moment wel even genoeg was geweest.

We liepen terug naar voren.

De honden liepen mee.

Tot ze ineens allemaal tegelijk van gedachten veranderden.

Ze gingen er vandoor.

De grote yucca wordt verdacht

Voor mijn gevoel gebeurde het in één seconde.

Daar stonden ze ineens bij de grote yucca.

Snuffelen.

Intensief snuffelen.

Niet het gewone: hé, hier heeft gisteren een ander dier gelopen.

Nee, dit was serieus speurwerk. Neuzen laag bij de grond, draaien, opnieuw ruiken, elkaar aankijken en vervolgens weer verder zoeken.

Ik bleef staan en keek naar het tafereel.

"Wat hebben jullie nou weer?"

Natuurlijk kwam daar geen antwoord op.

Ik begon zelf ook te speculeren.

Zat er iets onder die yucca?

Een muis?

Een rat?

Misschien iets wat ik liever helemaal niet wilde tegenkomen?

De honden gedroegen zich in ieder geval alsof ze een zaak van nationaal belang hadden ontdekt.

Ik besloot mijn bijdrage aan het onderzoek voorlopig te beperken tot het halen van koffie.

Dat leek me op dat moment de verstandigste beslissing.

Ik liep naar binnen, zette koffie en wilde net een beetje bijkomen van het vroege ochtendgeweld toen één van de honden naar binnen kwam.

Hij sprong tegen me op.

Keek me aan.

Draaide zich om.

En liep weer naar buiten.

Ik bleef even staan.

Dat was geen gewone hondenblik.

Dat was een boodschap.

Alsof hij zei: Kom. Je moet dit zien.

Ik zette mijn koffie neer en liep achter hem aan.

Een onverwachte bezoeker

En toen zag ik hem.

Een egel.

Maar niet zomaar een klein egeltje zoals je die in Nederland nog wel eens voorzichtig door een tuin ziet scharrelen.

Nee.

Dit was een forse knaap.

Een indrukwekkend bolwerk van stekels.

De honden stonden erbij alsof de natuur zojuist persoonlijk een compleet nieuw wezen bij hen had afgeleverd.

Ze wisten niet goed wat ze ermee moesten.

Dichterbij.

Terug.

Weer snuffelen.

Een stap naar voren.

Toch maar weer achteruit.

De egel zelf leek zich ondertussen van niets iets aan te trekken. Hij had duidelijk geen haast en al helemaal geen behoefte om zich iets aan te trekken van drie honden die hem met grote belangstelling stonden te bekijken.

Ik zag meteen dat dit geen ontmoeting was die ik verder wilde laten escaleren.

"Hup, naar binnen."

De honden werden naar binnen gestuurd en de deur ging dicht.

Einde onderzoek.

Dachten we.

De rust keerde inderdaad enigszins terug, maar de honden bleven onrustig. Ze liepen heen en weer, keken naar buiten en hielden de deur nauwlettend in de gaten.

Er hing een spanning in huis die je normaal gesproken alleen aantreft vlak voor een belangrijke voetbalwedstrijd.

Uiteindelijk was het tijd voor ingrijpen.

Ik stuurde ze naar hun plek.

Liggen.

Rustig.

En wonder boven wonder werkte het.

Eindelijk kon ik mijn koffie drinken.

Gekrab aan de deur

Ik zat nog maar net rustig met mijn kop koffie toen het volgende bedrijf van deze kleine ochtendvoorstelling begon.

Gekrab aan de deur.

De honden schoten overeind.

Grommen.

Oren omhoog.

Blikken richting de deur.

Daar was hij weer.

De stekelige indringer.

Ik liep naar het raampje in de deur en keek naar buiten.

Daar zag ik hem.

De egel was inmiddels alweer onderweg.

Met die typische rustige egelgang, alsof hij nergens anders ter wereld hoefde te zijn. Geen paniek, geen haast, geen enkele indruk dat hij zojuist een compleet huishouden inclusief vier honden op stelten had gezet.

Hij waggelde richting het hek.

Daar aangekomen verdween hij eronderdoor.

En toen ging zijn reis verder richting de buren.

Ik keek hem na.

Nou.

Dat was dan dat.

Een half uur later besloot ik dat het wel weer veilig genoeg was om de honden naar buiten te laten.

Dat bleek een enigszins optimistische gedachte.

De grote speurtocht door de court

Zodra de deur openging, schoten de honden naar buiten.

En wat volgde was geen gewoon rondje tuin.

Dit was een forensisch onderzoek.

De complete court werd aan een grondige snuffelbeurt onderworpen.

Elke hoek.

Iedere struik.

Ieder plekje.

Iedere tuin.

Alles moest opnieuw worden gecontroleerd.

De honden liepen met hun neuzen bijna over de grond en namen hun taak bloedserieus. Alsof ze ervan overtuigd waren dat de egel ergens een spoor van zijn aanwezigheid had achtergelaten.

En eerlijk gezegd hadden ze gelijk.

Op een bepaalde plek bleven ze opvallend lang staan.

Ik liep ernaartoe.

"Wat hebben jullie nou gevonden?"

Ik keek naar de grond.

En jawel.

Daar lag het bewijs.

De egel had een grote boodschap achtergelaten.

Een laatste handtekening van een nachtelijke bezoeker.

De honden bestudeerden het alsof het een belangrijk dossierstuk was. Ik had zelf inmiddels wel genoeg gezien en besloot dat de wetenschappelijke fase van het onderzoek voorbij was.

Opruimen.

Klaar.

Zaak gesloten.

De rust keert terug

En daarmee was het avontuur voorbij.

De honden leken er ineens ook helemaal klaar mee.

Geen gesnuffel meer.

Geen gespannen lichamen.

Geen blikken richting het hek.

Ze liepen weer naar binnen, zochten hun favoriete plek op en gingen liggen.

De rust kwam terug in huis.

En toen gebeurde iets wat altijd weer bijzonder blijft.

Vijf minuten later waren ze diep in slaap.

Ogen dicht.

Lichamen ontspannen.

En hier en daar begon er eentje al zachtjes te dromen.

Waarover?

Geen idee.

Misschien renden ze in hun dromen achter de egel aan.

Misschien waren ze opnieuw bezig met hun grote speurtocht rond de yucca.

Of misschien stonden ze ergens midden op een uitgestrekt veld achter een kudde schapen aan, want ook dat behoort blijkbaar tot het repertoire van een hondenbrein.

Je weet het nooit.

Het mooie is misschien juist dat ze het zelf ook niet hoeven te vertellen.

Buiten was de wereld inmiddels weer gewoon geworden.

De egel was verdwenen richting de buren.

De yucca stond nog overeind.

De tuin was gecontroleerd.

De honden hadden hun onderzoek afgerond.

En ik?

Ik zat weer met mijn koffie.

En dan begint de zondag

Ik nam een slok.

Keek naar de slapende honden.

En moest toch even lachen.

Wat voor mij begon als een veel te vroege ochtend met geblaf, bleek uiteindelijk een compleet zondagverhaal te worden.

Een onbekend geluid.

Een inspectie van de achtertuin.

Een verdachte yucca.

Een mysterieuze bezoeker.

Een egel van formaat.

Een stel honden dat niet wist wat het met die stekelige verschijning aan moest.

Een krabbende egel aan de deur.

Een ontsnapping onder het hek door.

En als finale een grote boodschap als tastbaar bewijs van zijn aanwezigheid.

Het leven zit soms in merkwaardige details.

Je kunt wakker worden met het idee dat er iets ernstigs aan de hand is en een uur later zit je met een kop koffie te kijken naar vier honden die liggen te dromen over God mag weten wat.

Misschien is dat wel precies de charme van een zondag.

Geen strak programma.

Geen grote plannen.

Gewoon zien wat de dag brengt.

Soms brengt hij een egel.

Een grote ook nog.

En soms brengt hij daarna vooral rust.

De honden slapen.

De tuin is stil.

De ochtendzon klimt langzaam hoger.

Ik neem nog een slok van mijn koffie.

En denk:

de zondag is er.

Eindelijk.

Reacties