Doorgaan naar hoofdcontent

Uitgelicht

De verdwijning van mijn witte Volkswagen Kever

De verdwijning van mijn witte Volkswagen Kever Een auto, een oom en een nogal bijzondere afwikkeling Een Kever met karakter In mijn vorige verhaal vertelde ik over mijn eerste auto, een witte Volkswagen Kever. Een auto die mij in mijn jonge jaren de vrijheid gaf om naar de Grafische MTS in Amsterdam te rijden, op zaterdag naar mijn baantje in Zaandam te gaan en zo nu en dan zonder enige bestemming achter het stuur te kruipen. Het was een Volkswagen Kever uit 1968, uitgerust met een elektrisch systeem van zes volt. Tegenwoordig klinkt dat misschien alsof je een museumstuk probeert te starten, maar destijds was het gewoon mijn auto. En daar was ik best trots op. Ik had er heel wat aan gesleuteld. Want een auto van die leeftijd heeft zo zijn gebruiksaanwijzingen, al staan die niet altijd in een boekje. Soms ontdek je ze vanzelf, meestal op een moment dat het je helemaal niet uitkomt. Ook mijn Kever ontkwam niet aan de tand des tijds. De slijtage begon zich te manifesteren en op een gegeve...

Zondag in Montcourt: 46 graden en een plaknacht

 

Zondag in Montcourt: 46 graden en een plaknacht

Het is zondag. Vandaag heb ik helemaal niets gedaan. En eerlijk gezegd: de lust om iets te ondernemen was er ook gewoon niet. Soms heb je van die dagen waarop je lichaam en je hoofd samen besluiten dat het welletjes is geweest. Dus werd het een dag van film kijken, een beetje op de computer zitten en vooral niets hoeven.

Heerlijk eigenlijk.

Vanochtend om acht uur was het nog ronduit aangenaam. 22 graden, een klein windje, precies zo'n temperatuur waarbij je denkt: ja, zo mag een zomerdag van mij wel blijven. Ik had de parasol uitgezet en dacht nog dat ik misschien vanmiddag lekker onder die parasol zou gaan zitten.

Maar ja... de zomer had duidelijk andere plannen.

Naarmate de dag verstreek, kroop de temperatuur steeds verder omhoog. Eerst bijna ongemerkt, maar uiteindelijk werd het een ware hitte-expeditie. Voor de gein ben ik de temperatuur maar eens gaan bijhouden. Niet omdat ik er iets aan kon veranderen, maar gewoon omdat je op een gegeven moment nieuwsgierig wordt naar hoe ver die thermometer nog durft te gaan.

En dat ging ongeveer zo:

15:30 uur: 41,5 graden.
15:38 uur: 41,8 graden.
16:29 uur: 44,1 graden.
18:36 uur: 46,2 graden.

Ja, toen vond ik het eigenlijk wel genoeg.

Ik hield het niet meer bij. Ik kreeg het er zelf al warm van. 😅

De parasol die ik 's ochtends nog zo gezellig had uitgezet, was inmiddels veranderd in een soort persoonlijke verdedigingslinie tegen de zon. Een mens begint onder zulke omstandigheden toch anders naar een schaduwplek te kijken. Niet langer als een aangename optie, maar als een strategische locatie.

En dan moet de nacht nog komen.

Ik heb natuurlijk toch stiekem even gekeken wat de verwachting is. Je kunt jezelf wijsmaken dat je het niet wilt weten, maar uiteindelijk kijk je toch. De voorspelling lijkt uit te komen op ongeveer 20 tot 21 graden.

Dat belooft dus maar één ding:

De befaamde plaknacht.

Zo'n nacht waarin je in bed ligt en je lichaam zich afvraagt waarom het dekbed überhaupt bestaat. Je draait een keer om. Dan nog een keer. Je zoekt het koelste stukje van het kussen. Je steekt misschien een been buiten het laken, maar vijf minuten later ligt dat been alweer ergens anders omdat ook dat niet blijkt te werken.

We zien wel.

Als ik maar moe genoeg ben, slaap ik uiteindelijk waarschijnlijk toch. En anders drijf ik morgenochtend gewoon mijn bed uit. Ook een manier om de dag te beginnen. 😂

Morgen had ik trouwens wel een soort lijstje gemaakt met dingen die ik wilde gaan doen. Een paar klusjes, wat dingen regelen, gewoon de gebruikelijke zaken die op een mens liggen te wachten.

Maar eerlijk gezegd denk ik daar nu maar even niet aan.

Pfff... het valt allemaal niet mee.

Tegelijkertijd is er natuurlijk ook een andere kant van het verhaal. Ik heb er uiteindelijk zelf voor gekozen om in Montcourt, Frankrijk, te gaan leven. Niemand heeft mij hier naartoe gesleept. Ik heb zelf gekozen voor het Franse leven, voor het dorp, voor de omgeving, voor de rust en voor alles wat daarbij hoort.

En daar hoort blijkbaar ook bij dat je soms op een zondagmiddag naar een thermometer kijkt die vrolijk richting de 46 graden kruipt en vervolgens denkt:

Waarom wilde ik ook alweer zo graag in Frankrijk wonen?

Maar zodra de ergste hitte voorbij is, de avond valt en er weer een klein beetje lucht in de wereld komt, weet je het natuurlijk weer.

Omdat het leven hier ook zoveel moois heeft.

De rust. De ruimte. De omgeving. De kleine momenten waarop je gewoon buiten kunt zitten en nergens naartoe hoeft. De vrijheid om je eigen dag in te delen. En zelfs die extreme zomerdagen worden uiteindelijk onderdeel van het verhaal.

Vandaag was dus geen dag van productiviteit.

Geen dag van lijstjes afwerken.

Geen dag van grote prestaties.

Het was gewoon een zondag in Montcourt.

Een zondag waarop de temperatuur van 22 graden in de ochtend naar 46,2 graden in de vroege avond steeg. Een zondag waarop de parasol een hoofdrol speelde. Een zondag waarop de plannen voor morgen voorlopig netjes op hun plek bleven liggen.

En misschien is dat ook wel eens goed.

Morgen is er weer een dag.

Vandaag was het vooral een kwestie van rustig blijven, de hitte uitzitten en hopen dat de nacht een beetje genadig is.

En mocht ik vannacht inderdaad mijn bed uitdrijven...

Dan weet ik in ieder geval dat ik morgen niet hoef te twijfelen over wat ik als eerste moet doen.

Mijn bed terugvinden. ☀️🥵🇫🇷

Reacties