Zoeken in deze blog
Verhalen over wonen en leven in Frankrijk, midden op het Franse platteland van de Haute-Saône. Persoonlijke verhalen over Montcourt, ons oude Franse huis, tuinieren, de Franse cultuur, natuur en het dagelijks leven in een klein Frans dorp.
Uitgelicht
- Link ophalen
- X
- Andere apps
45 graden hitte: de zon heeft een persoonlijke agenda
De grote strijd tegen de zon
Je kunt je voorstellen dat je het vervelend vindt dat de zon schijnt. Niet omdat je een hekel hebt aan mooi weer, laat dat duidelijk zijn. Ik ben geen verbitterde vampier die bij het eerste zonnestraaltje de gordijnen dichttrekt en naar de kelder vlucht. Nee, de zon mag van mij best schijnen. Graag zelfs. Een beetje zon is heerlijk. Een blauwe lucht, een aangename temperatuur, lekker buiten zitten. Prima.
Maar er is natuurlijk een verschil tussen de zon schijnt en de zon heeft besloten persoonlijk toezicht te houden op je lichaamstemperatuur.
Bij mij op de court loopt de temperatuur inmiddels op tot ongeveer 45 graden. Bij sommige buren op de voorplaats is het zelfs meer dan 50 graden. Vijftig graden! Dat is geen zomer meer, dat is een gratis bezoek aan de binnenkant van een oven.
En dat niet een middagje.
Nee hoor.
Drie weken lang. En er komt er weer een hittegolf aan!
Van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat.
De zon heeft blijkbaar een contract afgesloten. Een langdurig contract, zonder opzegmogelijkheid.
De zon heeft duidelijk een persoonlijke agenda
's Morgens word je wakker en denk je: misschien valt het vandaag mee. Je kijkt voorzichtig naar buiten. De zon staat er al. Natuurlijk. Die is kennelijk eerder opgestaan dan jij. Sterker nog, die heeft waarschijnlijk helemaal niet geslapen. Die heeft de hele nacht liggen wachten tot ze weer aan de slag kon.
Je opent de deur.
Een muur van warmte komt je tegemoet.
Je denkt nog: ach, het is maar even wennen.
Dat is een mooie gedachte. Een naïeve gedachte. Een gedachte die je na ongeveer zeven seconden volledig opgeeft.
Want zodra je één stap buiten zet, begint je lichaam onmiddellijk met een noodprocedure waar je zelf nooit toestemming voor hebt gegeven.
Je poriën gaan open.
Allemaal.
Ik wist niet eens dat ik er zoveel had.
Ik dacht altijd dat een mens een redelijk overzichtelijk aantal poriën had, maar tijdens deze hittegolf ontdek je pas hoeveel ventilatieopeningen je lichaam eigenlijk bezit. En ze werken allemaal tegelijk.
Je hoeft niets te doen.
Helemaal niets.
Je staat gewoon stil.
En toch gutst het zweet van je lichaam alsof je zojuist een marathon hebt gelopen, terwijl je in werkelijkheid alleen maar hebt geprobeerd een stoel van twee meter naar links te verplaatsen.
Dat blijkt al een sportprestatie van formaat.
Mijn poriën hebben overuren gedraaid
Bewegen is eigenlijk onverantwoord geworden.
Je loopt naar de keuken.
Zweet.
Je loopt terug.
Meer zweet.
Je gaat zitten.
Zweet.
Je staat weer op omdat je iets vergeten bent.
Een waterval.
Op een gegeven moment vraag je je af waarom je nog moeite doet met douchen. Je lichaam heeft inmiddels zelf een permanent spoelprogramma geïnstalleerd.
Het enige wat je nog kunt doen is drinken.
Water.
Veel water.
Liters water.
Je begint de dag met water en eindigt de dag met water. Tussendoor drink je sapjes, munt thee, cola en alles wat maar enigszins vloeibaar is.
Je koelkast wordt ineens het belangrijkste meubelstuk in huis.
Koken bij 45 graden: een uitstekend slecht idee
Niet de bank.
Niet de televisie.
De koelkast.
Je loopt er regelmatig even naartoe om te kijken of hij nog bestaat. Je opent de deur en voelt een heerlijke koude luchtstroom over je gezicht komen. Op dat moment overweeg je serieus om erin te gaan zitten.
Je weet dat het niet verstandig is.
Je weet dat het niet past.
Maar je bent inmiddels op een punt gekomen waarop logica een ondergeschikte rol speelt.
Alcohol laat je natuurlijk staan.
Dat is in deze omstandigheden ook geen goed idee. Alcohol droogt je lichaam uit en daar heb je met deze temperaturen werkelijk geen behoefte aan. Bovendien is het al lastig genoeg om normaal rechtop te blijven staan zonder dat je lichaam ondertussen probeert zichzelf via de huid leeg te laten lopen.
Dus geen alcohol.
Gewoon water.
Sap.
Munt thee.
Cola.
En als het echt niet anders kan, nog een glas water.
Eten is trouwens ook een hele onderneming.
Je hebt nauwelijks trek. Je lichaam heeft andere prioriteiten. Het lichaam zegt niet: Wat zullen we vanavond eens lekker eten?
Nee.
Het lichaam zegt: Water. Nu.
Maar ja, je moet toch iets eten.
Dus ga je op zoek naar iets lichts.
Een salade.
Wat fruit.
Misschien een boterham.
Iets wat niet te veel inspanning vraagt van je spijsvertering, want zelfs die heeft het al warm genoeg.
En dan komt het grote probleem.
Je moet koken.
Achter het fornuis staan.
In deze temperaturen.
Dat is ongeveer hetzelfde als besluiten om vrijwillig naast een open haard te gaan staan omdat je nog even een ei wilt bakken.
Je zet het fornuis aan en meteen denk je: Dit was een fout.
De keuken verandert in een tweede tropisch klimaat.
Je hebt buiten 45 graden en binnen bij het fornuis ineens je eigen microklimaat gecreëerd. Een soort persoonlijke sauna waar je zelf ook nog eens de chef-kok van bent.
Je roert in een pan en denkt: Waarom doe ik dit?
Je zweet op je eten.
Niet letterlijk natuurlijk, maar het voelt wel alsof je lichaam daar serieus naartoe werkt.
Na tien minuten ben je volledig uitgeput en vraag je je af of het gerecht de moeite waard is.
Meestal is het antwoord:
Nee.
Absoluut niet.
Maar goed, je moet toch eten.
Dus je eet met mate.
Heel veel mate.
Een klein bordje.
Een beetje.
Niet te veel.
Want zodra je te veel eet, moet je lichaam ook nog eens energie steken in de vertering. En dat is in deze omstandigheden gewoon onnodige luxe.
Je lichaam heeft al genoeg werk.
Het probeert je af te koelen.
Het probeert vocht vast te houden.
Het probeert je hart ervan te overtuigen dat je niet zo snel hoeft te kloppen.
En ondertussen ben jij ook nog eens van plan om aardappelen te eten.
Nee.
Laten we het rustig houden.
Maar het mooiste komt nog.
De weer-app.
Twee graden kouder en we vieren feest
Die is tijdens een hittegolf een soort meester in valse hoop.
Je krijgt een melding:
"Aankomende dagen wordt het 2 graden kouder."
Je denkt: geweldig!
Eindelijk!
Er komt verlichting!
De temperatuur gaat dalen!
Je kijkt nog eens goed.
Van 42 graden naar 40 graden.
Veertig.
Dat is geen verkoeling.
Dat is een belediging.
Dat is alsof iemand tegen je zegt: Goed nieuws, de brandende oven wordt iets minder heet.
Je zou bijna dankbaar moeten zijn.
Wat fijn, zeg. We gaan van extreem naar iets minder extreem.
De weer-app doet alsof er een wonder heeft plaatsgevonden.
"De komende dagen iets koeler."
Je stelt je er meteen iets bij voor.
Een fris briesje.
Een verkoelende regenbui.
Een aangename avond waarop je eindelijk weer normaal kunt ademen.
Maar nee.
Het wordt 40 graden.
Je kunt nog steeds geen deur openen zonder dat je het gevoel krijgt dat je een föhn in je gezicht krijgt.
En toch blijven we volhouden.
We overleven het wel, zoals altijd
Dat is misschien wel het bijzondere aan mensen.
We klagen.
We zweten.
We drinken.
We klagen nog een beetje.
We kijken vijf keer per dag naar de weer-app.
We zien dat het morgen 41 graden wordt en denken: Nou, dat valt mee.
We zijn inmiddels volledig gehersenspoeld.
Veertig graden voelt ineens als een verbetering.
Een paar weken geleden zou je bij 40 graden hebben gezegd: Dit is niet normaal.
Nu zeg je:
Gelukkig, morgen maar 40.
En zo gaan de dagen voorbij.
's Morgens vroeg begint het alweer.
De zon komt op en begint aan haar dagelijkse dienst.
Geen pauze.
Geen vrije dagen.
Geen vakantie.
De hele dag staat ze daar maar te stralen alsof ze een persoonlijke weddenschap heeft afgesloten met de aarde.
En jij doet wat je kunt.
Je drinkt.
Je rust.
Je beweegt zo min mogelijk.
Je zoekt schaduw alsof het een zeldzaam natuurgebied is.
Je probeert binnen te blijven, maar zelfs binnen weet de warmte je uiteindelijk te vinden.
En toch komen we erdoorheen.
Zoals altijd.
Want wat moet je anders?
We kunnen moeilijk met z'n allen naar de zon toe lopen en zeggen:
"Luister eens even, zou je vandaag misschien een tandje lager kunnen?"
De zon zou waarschijnlijk niet eens reageren.
Die heeft geen klantenservice.
Geen klachtenformulier.
Geen knop waarop staat: Temperatuur verlagen.
Dus blijven we gewoon doorgaan.
Dag na dag.
Met een glas water in de hand.
Een fles binnen handbereik.
Een ventilator die inmiddels meer emotionele steun biedt dan daadwerkelijke verkoeling.
En ergens, heel diep vanbinnen, houden we hoop.
Hoop op een wolkje.
Een briesje.
Een avond waarop je buiten kunt zitten zonder onmiddellijk te veranderen in een menselijke waterbron.
En misschien komt die dag.
Misschien wordt het morgen 38 graden.
Wat heerlijk.
Een bijna winters gevoel.
Je trekt je jas nog net niet aan.
Maar tot die tijd blijven we drinken, zweten, weinig eten, voorzichtig bewegen en vooral wachten.
Want hoe warm het ook wordt, hoe lang het ook duurt, uiteindelijk komt er een einde aan.
De zon gaat ooit weer normaal doen.
De temperaturen dalen.
De poriën kunnen weer dicht.
De koelkast krijgt eindelijk rust.
En wij?
Wij zullen waarschijnlijk zeggen:
"Wat was het toch een heerlijke zomer."
Want zo zijn mensen nu eenmaal.
We vergeten de 45 graden.
We vergeten de 50 graden bij de buren.
We vergeten het zweten, het drinken, het koken, het wachten en de weer-app die ons feliciteerde met een daling van 42 naar 40 graden.
We kijken naar buiten, voelen een zacht briesje en zeggen:
"Kijk, wat een lekker weer."
Totdat het weer 45 graden wordt.
Dan weten we het weer.
De zon schijnt.
En wij zijn er nog steeds.
Met een glas water.
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Populaire posts
Waterbeperking in Frankrijk: de droogte wordt steeds serieuzer, dit zijn de nieuwe regels én de hoge boetes
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Montcourt en het wachten op regen: hitte, stilte en een dorp dat naar water verlangt
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Reacties