Doorgaan naar hoofdcontent

Uitgelicht

Twee jaar in Frankrijk: van verhuischaos naar een nieuw leven

Twee jaar geleden begonnen we aan ons Franse avontuur Vandaag is het precies twee jaar geleden dat wij aan ons Franse avontuur begonnen. Twee jaar alweer. Vanmorgen zaten we samen even terug te denken aan die bijzondere periode. Aan de dag waarop we Nederland achter ons lieten en naar Frankrijk vertrokken. Een dag die in onze herinnering inmiddels bijna legendarische proporties heeft aangenomen. Want als je ons toen had verteld dat onze verhuisdag zou uitgroeien tot een logistiek drama met een vertraagde verhuiswagen, achtergebleven spullen, opslagboxen, telefoontjes en een flinke dosis improvisatie, hadden we je waarschijnlijk voor gek verklaard. We hadden alles gepland. Dachten we. De verhuiswagen zou om acht uur komen. De volgende dag, de 29e, zou de schoonmaker komen. Op de 30e stond de oplevering van ons huis gepland. Er was dus geen ruimte voor vertraging. Geen ruimte voor uitstel. Eigenlijk was er helemaal geen ruimte voor wat dan ook. En precies dát is natuurlijk het moment waa...

Montcourt onder vuur: als de hitte je adem beneemt

De ochtend die al voelde als een oven

Vanmorgen opende ik de voordeur met de stille hoop dat de dag mij nog een beetje verkoeling zou schenken. Zo'n frisse ochtend waarop de lucht nog zacht aanvoelt en de zon haar kracht nog even bewaart.

Die hoop verdween op slag.

Nog voordat ik een stap buiten zette, sloeg de hitte mij in het gezicht. Het was alsof iemand de deur van een loeihete sauna had opengetrokken. De warmte omhelsde me niet, ze overviel me. Ze drukte tegen mijn huid, kroop in mijn neus, vulde mijn longen en maakte iedere ademhaling zwaar. Je voelt de lucht niet meer stromen; je voelt haar branden.

Om twaalf uur wees de thermometer al 32 graden aan.

Maar een thermometer vertelt slechts een deel van het verhaal.

Het waren niet de cijfers die indruk maakten. Het was de wind.

Normaal brengt een zuchtje wind verlichting. Vandaag voelde iedere bries alsof iemand een föhn op de hoogste stand over het landschap liet blazen. Droog. Gloeiend heet. Een wind die je lippen uitdroogt, je ogen laat prikken en het zweet onmiddellijk van je huid laat verdampen, zonder dat je ook maar een seconde afkoelt. Iedereen die ooit in een sauna heeft gezeten, kent dat verstikkende gevoel wanneer je de hete lucht diep inademt. Alleen stap je daar na een paar minuten weer naar buiten.

Hier is er geen ontsnappen.

Een dorp dat zich overgeeft aan de zon

Nu is het drie uur in de middag.

De temperatuur is opgelopen tot 37 graden en de zon lijkt nog urenlang geen medelijden te kennen. Ze hangt roerloos boven Montcourt, fel en meedogenloos, alsof ze het hele dorp langzaam wil laten smelten.

Buiten is niemand.

De straten liggen er verlaten bij. Geen spelende kinderen. Geen fietsers. Geen pratende buren. Zelfs honden zoeken geen schaduw meer op straat, maar blijven binnen. Achter gesloten luiken en dikke muren probeert iedereen de koelte vast te houden, alsof het een kostbare schat is die ieder moment kan verdwijnen.

Zelfs de vogels zwijgen.

Hun gezang is verstomd. Ze verschuilen zich diep tussen de bladeren, waar nog een klein beetje schaduw te vinden is. Alleen het eindeloze gezoem van de cicaden vult de lucht, als een soundtrack van een zomer die veel te ver is gegaan.

Boven de velden danst de hitte. De horizon golft alsof de aarde vloeibaar is geworden. De geur van kurkdroog gras, warme stenen en stoffige aarde hangt zwaar in de lucht. Iedere stap over het erf voelt alsof de warmte door de zolen van je schoenen omhoog kruipt.

Zelfs de stenen muren stralen hitte uit. De metalen deurklink brandt in je hand. Het stuur van de auto is nauwelijks vast te pakken. Alles wat door de zon is aangeraakt, lijkt veranderd in een warmtebron.

Je merkt hoe je langzamer gaat bewegen.

Niet omdat je dat wilt, maar omdat je lichaam eenvoudigweg niet anders kan. De hitte legt een deken over alles heen. Gedachten worden trager. Gesprekken korter. Iedere beweging kost energie.

De natuur kent haar eigen kracht

Mijn blik glijdt vanzelf naar de moestuin en de boomgaard.

Natuurlijk vraag ik mij af hoe lang de planten deze verzengende dagen nog volhouden. Of de tomaten de zon trotseren. Of de fruitbomen hun vruchten kunnen vasthouden. Je ziet bladeren slap hangen, alsof ook zij verlangen naar één verfrissende regenbui.

Toch probeer ik me daar niet druk over te maken.

De natuur heeft al eeuwenlang geleerd te leven met extremen. Ze kent droogte, hitte en stormen beter dan wij. Ze buigt mee, wacht af en herstelt zich wanneer haar tijd gekomen is.

En mocht de oogst dit jaar tegenvallen?

Dan is er altijd nog de supermarkt.

Soms moeten wij accepteren dat niet alles in onze handen ligt.

Wachten op die eerste koele adem

De vooruitzichten zijn allesbehalve hoopgevend.

De komende tien dagen blijven de temperaturen rond de 35 graden hangen, met dagen waarop het kwik opnieuw richting de 40 graden kruipt. Alsof de zomer weigert haar greep te lossen.

Toch weet ik dat er een moment zal komen waarop de lucht eindelijk weer beweegt. Niet als een brandende adem uit een sauna, maar als een zachte bries die de warmte langzaam uit de stenen trekt. Dat eerste zuchtje wind dat je huid weer verkoelt. Dat moment waarop je diep kunt inademen zonder het gevoel te hebben dat je vuur naar binnen haalt.

Tot die tijd leeft Montcourt in een andere wereld.

Een wereld van trillende lucht, verzengende zon, gesloten luiken en eindeloos wachten.

Een wereld waarin je niet alleen ziet hoe heet het is...

maar waarin je de hitte voelt tot diep in je ziel.

Reacties