Doorgaan naar hoofdcontent

Uitgelicht

De verdwijning van mijn witte Volkswagen Kever

De verdwijning van mijn witte Volkswagen Kever Een auto, een oom en een nogal bijzondere afwikkeling Een Kever met karakter In mijn vorige verhaal vertelde ik over mijn eerste auto, een witte Volkswagen Kever. Een auto die mij in mijn jonge jaren de vrijheid gaf om naar de Grafische MTS in Amsterdam te rijden, op zaterdag naar mijn baantje in Zaandam te gaan en zo nu en dan zonder enige bestemming achter het stuur te kruipen. Het was een Volkswagen Kever uit 1968, uitgerust met een elektrisch systeem van zes volt. Tegenwoordig klinkt dat misschien alsof je een museumstuk probeert te starten, maar destijds was het gewoon mijn auto. En daar was ik best trots op. Ik had er heel wat aan gesleuteld. Want een auto van die leeftijd heeft zo zijn gebruiksaanwijzingen, al staan die niet altijd in een boekje. Soms ontdek je ze vanzelf, meestal op een moment dat het je helemaal niet uitkomt. Ook mijn Kever ontkwam niet aan de tand des tijds. De slijtage begon zich te manifesteren en op een gegeve...

De zon boven Montcourt in Frankrijk


Op ’t zonnetje, op ’t terras.

 Honden languit op het grind, tevreden uitgestrekt alsof de wereld vandaag geen haast kent. Ze knipperen loom tegen het licht, terwijl de zon aarzelend achter de zware regenwolken vandaan breekt — eerst voorzichtig, dan met een bijna koninklijke vanzelfsprekendheid. Alsof een gordijn in een groot theater open schuift en de hoofdrolspeler eindelijk zijn entree maakt.

De vogels vullen de lucht met hun tjilpende concert. Geen haastige tonen, maar een orkest van kleine stemmen die zich mengen met de stilte. In de verte rijdt een eenzame auto voorbij. Even slechts. Een zacht geruis dat opkomt, voorbij trekt en weer oplost, alsof de tijd zelf even langs reed om te groeten.

En daar, tussen zonnestralen en wolken randen, komen herinneringen tevoorschijn. Niet luid of dwingend, maar zacht. Oude zomers, vergeten gezichten, stemmen van vroeger. Ze stijgen op zoals ochtendnevel boven een veld — licht, vluchtig, kostbaar.

Dan verschijnt een dorpsgenoot wandelend langs het pad. Geen groot gebaar, geen lange woorden. Alleen een warme glimlach en een vriendelijke: “Bonjour.” Maar juist daarin schuilt iets groots.

 Alsof in dat eenvoudige moment de hele rijkdom van het leven besloten ligt.

Want grandeur zit niet alleen in paleizen, kathedralen of verre reizen. Soms verschijnt ze onverwacht op een eenvoudig terras, waar de zon een triomfantelijke terugkeer maakt, honden tevreden slapen, vogels zingen en de wereld precies genoeg lijkt.

En ik denk bij mezelf: wat wil een mens nog meer?

 Vandaag, op dit kleine podium van grind en zonlicht, voelt het leven even groots en majestueus. Alsof zelfs de hemel besloten heeft voor één middag haar mooiste voorstelling op te voeren.

Reacties